De Eerste Wereldoorlog
(spreekbeurt voor basisschool groep 7)
In Vlaanderen zijn sommige loopgraven bewaard gebleven
Door Sebastiaan van Gompel, Eindhoven
(LIJN
TREKKEN OP BORD MET AAN WEERSZIJDEN DE TWEE KAMPEN: DE CENTRALEN EN DE GEALLIEERDEN:
|
De Centralen ..... ..... ..... |
De Geallieerden ..... ..... ..... |
NU INVULLEN: LINKS:
Oostenrijk en Duitsland.
EN RECHTS:
Servië, Rusland en Frankrijk)
Het is raar, maar niemand weet eigenlijk de reden waarom
de Eerste Wereldoorlog uitbrak. We weten wel dat alle grote landen, zoals
Engeland, Frankrijk en Duitsland hun legers aan het uitbreiden en versterken
waren. Dat gebeurde al jarenlang. Er waren kleine ruzies, maar die waren niet
belangrijk genoeg om een oorlog over te voeren.
Toen
gebeurde er iets onverwachts. Eind juni 1914 bracht de Oostenrijkse kroonprins
Franz-Ferdinand en zijn vrouw prinses Sophie een bezoek aan Sarajevo, de
hoofdstad van Bosnie. Tijdens een
rondrit werd hij doodgeschoten door een student, Gavrilo Princip. Die was lid
van een club die wilde dat Bosnie zelfstandig werd. Die club werd gesteund door
de Servische terreur-organisatie Zwarte Hand.
Oostenrijk
was boos en verklaarde Servië de oorlog. Maar Servië was bevriend met Rusland
(dat is nog steeds het geval) en dus kwamen de Russen hun vrienden te hulp.
Daarna kwamen de Duitsers de Oostenrijkers helpen. En Frankrijk ging Rusland
weer helpen.
Plotseling
viel Duitsland aan. Het Duitse leger trok België binnen, dat eigenlijk neutraal
had willen blijven.
(NU ZET JE RECHTS VAN DE LIJN: België)
Duitsland
wilde door België heen trekken om zo Frankrijk aan te vallen.
Het
kleine, arme België werd bijna helemaal onder de voet gelopen. Veel burgers
werden doodgeschoten. Overal in de wereld werd daar woedend op gereageerd.
Engeland kwam België te hulp.
(RECHTS VAN DE LIJN: ENGELAND. HET BORD ZIET ER NU ZO UIT:)
|
De Centralen Oostenrijk-Hongarije Duitsland |
De Geallieerden Servië Rusland Frankrijk België Engeland |
De loopgraven
Fransen,
Engelsen en Belgen konden de Duitsers stoppen. De lijn waarlangs dat gebeurde
liep dwars door België en Frankrijk heen. Deze lijn werd later bekend als het Westelijk
Front. De legers lagen vlak tegenover elkaar en beschoten elkaar dag en nacht.
Soldaten van beide kanten begonnen gangen in de grond te graven om daar
beschutting te vinden tegen de miljoenen kogels die heen en weer vlogen.
Zo
ontstonden de bekende loopgraven. Langs de hele frontlijn, door België en
Frankrijk heen, lagen die loopgraven. Vier jaar lang bleef dat front op bijna
dezelfde plaats liggen. Vier jaar lang schoten de soldaten als gekken op de
overkant. Miljoenen soldaten
sneuvelden. De lijken bleven vaak gewoon liggen. Het werd een enorme stank.
Ratten krioelden overal tussendoor om aan de lijken te vreten. De soldaten werd gek van de ellende, van het
lawaai van de kanonnen, van de kou en de nattigheid. Grote regenbuien
veranderden het front in een grote modderpoel. Zie de foto links. Veel soldaten verdronken
gewoon in de granaattrechters. Dat zijn de gaten die ontstaan als een
afgeschoten granaat de grond raakt.
De
soldaten gebruikten honden als koerier. Ze bonden de honden een kokertje aan de
riem met een briefje erin. Zo konden de soldaten elkaar boodschappen
doorgeven.
Ondertussen gingen steeds meer landen mee doen aan de
gevechten. Turkije, dat toen een heel groot rijk was - kwam Duitsland en
Oostenrijk te hulp.
(LINKS
VAN DE LIJN: TURKIJE)
En de geallieerden - zo werden ze genoemd - kregen hulp
van de vroegere Engelse kolonien: Canada, Australie, Nieuw-Zeeland.
(RECHTS
VAN DE LIJN: CANADA, AUSTRALIE, NIEUW-ZEELAND)
Uiteindelijk lukte het maar enkele landen om neutraal te
blijven, dat wil zeggen geen partij te kiezen. Ook Nederland bleef neutraal.
Ons land probeerde wel zijn leger zo sterk mogelijk te maken en aan de grenzen
stonden de soldaten op wacht om te zorgen dat er geen buitenlandse soldaten
onze neutraliteit schonden.
Terwijl de loopgravenoorlog maar doorging probeerden
beide kanten af en toe door te breken. Dat leidde tot enorme veldslagen, met
honderdduizenden doden. Heel bekend zijn de slag om Verdun (een stadje in
Noord-Frankrijk), de slag bij de Somme (ook in Noord-Frankrijk) en de drie
veldslagen om leper (ook wel bekend als Yper of als leperen, gelegen in
België).
Als je nu door deze streken rijdt kom je honderden
oorlogsbegraafplaatsen tegen. Honderdduizenden lijken zijn nog altijd niet
gevonden: hun botten zitten nog ergens in de grond. Af en toe komen er stukken
boven. Ook komen elk jaar nog steeds duizenden granaten boven de grond. Er zijn
plaatsen waar je nog steeds granaathulzen en loopgraven kunt vinden,
bijvoorbeeld in de omgeving van leper.
Als een boer hier zijn akker ploegt komt het vaak voor
dat hij resten van soldaten of van oorlogstuig bovenploegt.
Als het granaten
zijn, legt hij die langs de kant van de weg of steekt hij die in de gaten van
de telefoonmasten die overal langs de wegen staan.
De munitie-ophaaldienst van
het Belgische Leger rijdt daar langs en haalt die granaten op om ze
onschadelijk te maken.
Toen ik daar kort geleden was heb ik zelf zo'n granaat
in zo'n telefoonmast gezien (foto links).
Die granaten zijn levensgevaarlijk. Elk jaar
sterven nog mensen als ze proberen met zo'n granaat een geintje uit te halen of
om hem uit elkaar te halen.
Er
zijn afschuwelijke wapens uitgevonden en gebruikt in deze oorlog. De tank is er
een van. Het is een Engelse uitvinding. De naam tank ontstond als volgt: de
Engelsen waren bang dat de Duitse spionage er achter zou komen dat het ding
werd ontwikkeld. Ze wilden hem als verrassing gebruiken. Daarom noemden ze het
geen slagveld-auto of zoiets, maar gaven ze hem een codenaam: tank, waarmee
bedoeld werd: watertank. Om water te brengen aan de soldaten, om te drinken en
zich te wassen enzo. Pas toen het reusachtige ding voor het eerst op het
slagveld verscheen, begrepen de Duitsers wat die tank in werkelijkheid was. Ze
schrokken zich wild en renden alle kanten op van angst. Later werd dat natuurlijk minder en maakten
de Duitsers hun eigen tank, net zoals de Fransen.
Het
gifgas was ook vreselijk. Beide kanten vuurden granaten af die met gas waren
gevuld. Als die dan uiteenspatten, werden de soldaten die het gas inademden of
op hun huid kregen, blind of ze gingen hoesten tot hun longen kapot waren.
Een
van de Duitse soldaten die op deze manier blind werd was een zekere Adolf
Hitler, die als korporaal-ordonnans diende in de loopgraven bij leper. Bij hem
was de blindheid maar tijdelijk, want na enkele maanden verpleging kon hij weer
kijken. Maar hij hield er een levenslange haat tegen de geallieerden aan over!
Ook
werd in deze oorlog voor het eerst het vliegtuig gebruikt. Eerst alleen om te
kijken waar de vijand zich bevond. Later ook om het vijandelijke front te
bombarderen.
Een
bijzonder deel van de oorlog was de mijnenoorlog. Mijnwerkers, vooral uit
Engeland en uit Australie, groeven lange gangen onder de loopgraven van de
vijand. Aan het eind van die gangen maakten zij kamers. Die vulden zij met
munitie en dan bliezen ze die hele handel op. Dat maakte vaak een gat zo groot
als een voetbalveld.
Vaak
hoorde de vijand wel dat er onder zijn positie gegraven werd maar ze konden
daar heel weinig tegen doen, want ze wisten niet waar precies er gegraven werd.
In de
buurt van leper, in België, ben ik op een plaats geweest waar de Engelsen vijf
van die mijnen maakten onder Duitse stellingen. De bedoeling was dat ze alle
vijf tegelijk zouden worden opgeblazen. Maar door een foutje of zo, gingen er
maar drie de lucht in. Dat was overigens al genoeg om de Duitsers van deze
heuvel weg te jagen. (Twee dagen later namen de Duitsers die heuvel bij een
tegenaanval weer in - alle moeite was dus vergeefs geweest).
Niemand
wist meer waar die twee niet-ontplofte mijnen precies zaten. Dus werden ze
vergeten. Veertig jaar later sloeg de bliksem in in een van de nog
niet-ontplofte mijnen en dat gaf een vreselijke klap. Nu is er nog een
mijn over. Heel diep onder in de heuvel
misschien, of... Ik heb er over heen gelopen. Het is een raar gevoel. Hij kan nog elk moment afgaan, toch?
Op een andere plaats waar ik geweest ben, liggen nog
steeds loopgraven en bunkers, net zoals ze toen waren. Er is niemand te zien,
het lijkt of de mensen gewoon zijn weggelopen. Er liggen honderden hulzen van
granaten - kijk maar naar de foto rechts.
Op deze plaats zijn tien jaar geleden nog de lijken
gevonden van twee Duitse soldaten. Die hebben daar al die jaren gelegen. Er is,
onder de grond, ook nog een soort ziekenhuis en commando-centrum. Nog nooit
heeft iemand de moeite genomen om er naar te gaan graven. Er kunnen ook nog
best lijken liggen.
Terug nu naar de oorlog. Heel belangrijk werd de rol van
de onderzeeboot. Vooral Duitsland maakte daar gebruik van. Omdat Amerika veel
schepen naar Engeland stuurde met voorraden en wapens, probeerden de Duitsers
met hun onderzeeboten die schepen te torpederen.
Amerika was officieel nog steeds neutraal. Maar toen
Duitse onderzeeboten ook begonnen met Amerikaanse passagiersschepen tot zinken
te brengen (de Lusitania!), hadden ze er in Washington genoeg van. In 1917 kwam
Amerika bij de oorlog. Maar pas in 1918 arriveerden de eerste Amerikaanse soldaten
aan het front.
(SCHRIJF
OP HET BORD, AAN DE RECHTERKANT VAN DE LIJN: AMERIKA)
|
De Centralen Oostenrijk-Hongarije Duitsland Ottomaanse Rijk (Turkije) Bulgarije |
De Geallieerden Servië Rusland Frankrijk België Engeland Italië Canada Australië Nieuw-Zeeland Amerika |
Duitsland probeerde in dat voorjaar van 1918 nog een
keer met een hele grote aanval door het front heen te breken. Dat leek te gaan
lukken. De Fransen en Engelsen waren moe en ziek van het oorlog voeren en
werden overal teruggeslagen. Maar toen kwamen de Amerikanen. Ze waren sterk,
gezond en ze hadden goede uitrusting en wapens. Toen de Duitsers dat zagen,
gaven ze het na een poosje op. Zelf waren de Duitsers uitgeput, ze hadden
gebrek aan eten, wapens, kleding (net als de Engelsen en de Fransen trouwens).
De oorlog had vier jaar geduurd. Er was meer in
geschoten dan in de Tweede Wereldoorlog en er waren 8 miljoen gesneuvelde
soldaten. 15 Miljoen mensen zijn gestorven door de oorlog, honger en
ziekte.
In november 1918 gaven de Duitsers, Oostenrijkers en
Turken zich over.
De geallieerden trokken Duitsland binnen en gaven de
verslagen Duitsers opdracht grote sommen geld als schadevergoeding te betalen. Ook
mochten de Duitsers geen leger meer hebben. De Duitsers werden echt
vernederd.
Sommige Duitsers waren daar woedend om. De vroegere
korporaal Adolf Hitler bijvoorbeeld. Hij stichtte een eigen partij en vijftien
jaar later kwam hij met verkiezingen aan de macht. Het duurde toen niet lang
meer of hij begon opnieuw oorlog te voeren. Dat werd de Tweede Wereldoorlog.
Maar dat is een spreekbeurt apart!